Jan's Akkerpunctuurs (14)

 

Jan's monthly columns called Akkerpunctures as published in
the Dutch guitar magazine 'Gitaar plus'. (Only in Dutch).

Akkerpunktureluur.

Eindelijk is ‘t zover. De tour ‘Fromage à Trois’ Tour is on the road. Onze eerste gig was in Sliedrecht. Al m`n noeste huisvlijt van de laatste drie jaar komt glashelder voorbij zeilen met of zonder DE sequencers van Openlabs van papa Coen (soft synth, gebaseerd op Windows maar met acht keer zoveel geheugen) of Pro-tools van onze drummer Marijn. Die pijn heb ik dus niet meer aan m`n hoofd .Eerst alle blazers en slagpartijen thuis in Cubase vastgelegd en als wav`s op DVD gebrand, vervolgens aan de Boyz gegeven om in hun instrumenten te laden.

Tijdens de opnamen van C.U., die bijna in zijn geheel met drumsequencers is gemaakt – er spelen wel bas en keyboards en hier en daar een drumfill mee – kwam ik tot de overtuiging, tussen de opnamen met Fromage à Trois stukken, dat hetgene waar ik mee bezig was, allemaal in de swing traditie van de Stride-piano lag. Zo a lá Mary Lou Williams of Fats Waller, die ik een keer in een documentaire van Robert Altmann, Jazz `39 Kansas City zag. Dé plaats, naast New Orleans, waar Jazz min of meer is ontstaan, en ik gewoon het verband hoorde in en voor de oorlogsjaren met de Care Free vrijheidsswing van die tijd.
Dat gaf me dat zo`n kick niet tegenstaande het feit, dat ik voor het eerst zo`n Maccaferri-kopie Gtar van Søren Venema (of indirect importeur Harry Boetzkes) in handen kreeg, zodat ik subiet in deze muziekstijl aan het arrangeren ben geslagen. Diep van binnen ben ik altijd al gek geweest op deze muziekstijl; niet in de laatste plaats door m`n ouwe heer, die het daar vaak over had. Dat swingt als een tiet ...op z’n Amsterdams”.

Ik herinner me Eddy Christiani (onze Nederlandschen E.C.), die altijd dat slagje had. Wist ik veel! ‘s Avonds bij het licht ‘der sterren’ zong hij er altijd bij (nog steeds godzijdank). Later begrijp je, dat het een vertaling was van de Hot club de France met Django, die dit type Gtar echt beroemd heeft gemaakt. En natuurlijk niet alleen dat!
Dat ik de man diep bewonder, hebben jullie waarschijnlijk wel begrepen, maar ik heb `m nooit gekopieerd, ook nu niet. Ik kies m`n eigen Gtarlijnen, maar gebruik wel de muzikale stijl en traditie van die tijd, alleen gecombineerd met de middelen van nu met de instrumenten van toen, en het klinkt nog te gek óók. Dat bewees ons eerste optreden!

En om die klanken samen met die sequencers te horen, heb ik letterlijk dag en nacht zitten programmeren. Net als in de tijd van ‘The Noise of Art.’ Daar heb ik ook het meeste van gedaan. Plus waar haal je `s nachts om 3 uur nog zo`n Stride-gast vandaan?
Ik heb menige Macca’s in handen gehad, maar waar ik nu op speel, steekt overal bovenuit. De eerste Saga, die ik bij Søren van Palm Guitars had uitgekozen, klonk meteen het mooiste en het meest authentiek. De Saga John Jorgenson net even minder, althans volgens Neil, mijn soundman. Die kan het weten, want hij luistert z`n hele leven al naar Oscar Aleman /Eddy Lang/ Django en zelfs Sal Hoopie op zo’n glijgitaar (Hawaiïan steel). Daarnaast deed hij heel veel soundchecks met allerlei onduidelijke figuren. Steeds weer klonk het te gek. Ik begrijp zelf ook niet, waarom ik dit allemaal opschrijf, maar ik denk dat die massage bij die Chinees me nog parten speelt.

Ook nog bij Shadow geweest. De elementen van Joe Marinic, eigenaar en ontwerper van Shadow, klinken werkelijk als een klok. Het werk van Marcus van Engelen, wierp tijdens dit eerste optreden duidelijk z`n vruchten af. Juridisch gesproken zou dit zoiets heten als: “moedwillige vruchtafdrijving van een kraamheer”, maar dan in positieve zin, als je begrijpt wat ik bedoel of als je voelt wat ik begrijp.

Net foto`s op mijn e-mail ontvangen, van ... drie keer raden ...1 Gtar, gemaakt door Branko Radulovic, die vorig jaar blijkbaar door de naam Jan Akkerman en het Concert in Kumanova, Macedonië, hevig geïnspireerd is geraakt, en een werkelijk schitterend instrument heeft gebouwd. Ik had `m gemaild, dat ik geen Gtar nodig had, omdat ik er zowat in omkom.

Bovendien heeft de firma Framus een paar weken geleden contact gezocht, of we alsjeblieft weer contact konden hebben. We waren geen vriendjes, nadat ze de AK1974 in het jaar des Heren 2000 zonder mijn weten op de markt hadden gegooid. 35 jaar geleden zag dit model er precies zo uit, alleen heette ie toen nog de Jan Akkerman. Maar ook toen nooit meer wat gehoord, terwijl ze op mijn naam toch nog zo`n 300 stuks verkocht hadden en waarover we een vergoeding als ontwerper van de Gtar hadden afgesproken.
Toen Marcus van Engelen van Muziekhandel De Brug twee jaar geleden op de Frankfurter Messe dat ding zag hangen, is hij even polshoogte gaan nemen. Hij vroeg ze of ze dit ook aan mij hadden gevraagd, waarop het antwoord was: “Heer Akkerman moet blij zijn dat zijn naam aan zo’n beroemd merk was gekoppeld”.

Tot, zoals gezegd, een paar weken geleden.
Ze zouden weer graag de originele versie op de markt brengen. Maar als ik ergens een rare smaak van overgehouden heb, dan is het wel die periode in m`n leven met die stomme Gtar d`r bij. Daar komt nog bij dat nog zo`n licht op twee benen uit Nederland, dat ding met z`n eigen naam erop nabouwde, alsof ie hem zelf had uitgevonden.
Alle heren in binnen en buitenland heb ik maar afgewimpeld met de mededeling, dat het me 35 jaar geleden te veel geld, vooral aan advocaten, en tijd had gekost. Ook dit valt onder de rubriek ‘moedwillige vruchtafdrijving van een kraamheer’. Ik bedoel, ze zijn niet zindelijk te krijgen, en mocht het dan onverhoopt toch nog gebeuren, dan mogen ze alle ontwikkelingen van mij houden.

Foto`s van de J.A.-gitaar van Branko staan op de Guitars & Amps pagina van deze site.

Groetjes,

Jan Akkerman

Vorige Akkerpunctuur