|
|
|||
|
Jan's Akkerpunctuurs (2) |
|||
|
Jan's monthly columns called
Akkerpunctures as published in YO! (Sprak de dyslectische gitaar rabbi). Het romantische idee, dat je geen noten kunt lezen, is wel leuk, maar er zit een mankementje aan, namelijk dat je niet in een boek over fietsenmaken hoeft te, of moet gaan lezen, voordat je ’t wiel weer probeert te “heruitvinden”. Charlie Parker las EN schreef zijn eigen composities. Zo uit z’n blote hoofd met of zonder “Schpritz” van Nobo en studeerde zich ’t lazarus op harp etudes & Bach. Hij ging dus in die tijd door het leven in de “U NAAIT ’T STEEDS of America” als een achterlijke, zwarte man. Toen ik begon te spelen, kon ik ook geen noot schrijven of lezen, zo groot als het GAK gebouw in Amsterdam. Dat is eigenijk ook nooit goed gelukt, op oude luit tablatuur na, en daar heb ik ook niks aan in deze tijd. Pure tijdverspilling! Maar ik vind het juist lekker om me met de zin van die onzin bezig te houden. Oh ja, ik moet wat over gitaren schrijven, lukt nooit! Ik weet wel, dat als ik er iets over schrijf, ze hem ook meteen gaan bouwen en bovendien je fiets meteen meenemen (en dat zijn niet alleen maar onze oosterburen). Maar als ’t toch moet, dan heb
ik het over m’n oude Johnny Smith, die ik nu prakties elke dag
bespeel, nieuwe cd hè (Jazzah et moi), dus ik moet veel spelen. Ik heb de laatste tijd vaak met de Rosenbergs gespeeld en op het kamp waar Stochelo woonde, een paar mensen leren kennen, die je niets hoeft wijs te maken over hoe zo’n ding akoesties electries moet klinken, die J. Smith dus. Wat ik overigens nog nooit uitgebreid
in zo’n speciaal gitaristenblad heb zien behandelen, wel de ondergang
van de gitaarheld, met een foto van Anouk voorop, geloof ik, is mijn
lichte aanvaring over gitaarhelden en god weet, dat ik niks met popgitaarhelden
heb en dat vaak verkondig. De jongens van het betere breiwerk waardeer
ik veel meer, dan al die ex-crementen van door dwarsliggende keutels
gekwelde flapdrollen bij elkaar. Daaraan toegevoegd, als geintje, dat
ook die betere jongens alleen maar aan één ding denken:
‘die grote ster’ voor de deur. Andere brug erop met een “Big Tone” (oud element uit de jaren 50) door Frank Reykers, werkt tegenwoording voor Catalyst, ingebouwd en nu klinkt ‘ie precies als Django. Een goede akoestische gitaar doet dat toch wel, maar met dit verschil, dat er op de Johnny Smith ook nog een origineel element zit. Zo krijg ik het beste van twee werelden. Voor een volledige beschrijving, en alles wat Marcus van Engelen, de gitaarexpert van muziekwinkel De Brug uit het dorpje Volendam er nog aan toegevoegd heeft, kun je op mijn en zijn website onder Waterland Guitars nog een rustig nalezen. Ik vind het nog moeilijker om over
gitaren te gaan zitten eikelen, van dat knopje DAAR of zo, en dat nekje
glijdt toch zo fijn van die Fender uit 1956, met dat fraaie pookje dat
er zo achteloos bijbungelt. Om maar te zwijgen van het gepolitoerde
topzadel. Doei! Jan Akkerman
|
|||