|
|
|||
|
Jan's Akkerpunctuurs (6) |
|||
|
Jan's monthly columns called
Akkerpunctures as published in Wat een verhaal al niet doen kan. Ik zit nog na te genieten van mijn Heins (uit Sneek) ga naar de beurs in Duiven en wat zie ik daar?! Dezelfde gitaar (de “Akkerman Framus") uitgevoerd in "SoundCompound" van Catalyst (Ari Poort.) Wat een achievement!!! He-le-maal-uit-één-stuk gegoten, begrijp me niet verkeerd, ik houd van een gitaar gemaakt van hout maar ik heb altijd mijn twijfels gehad wat betreft een plankje met een aangeschroefd halsje, of weet ik veel wat voor Russische legerviool uit het angstvallige bouwjaar ‘56 of van wanneer of waar zo’n stom ding dan ook vandaan komt. Ik heb er nooit een moer om gegeven,
want een kut plank is een kut plank dús, gewoon een kutplank
dús.(met of zonder vingers.) Wat wel heel goed van mooie houtsoorten
gemaakt kan worden, zijn hybride gitaren waar Marcus van Engelen van
Waterland Gitaren of die jongens van Scharpach of die jongens uit Eindhoven
(Jan en Arie )waar ik op de beurs nog op heb zitten spelen. Als het
toch zo moet zijn, dan een kopie van een Telecaster (altijd al mijn
favoriete plank geweest) met een Shergold-hals (dan is een aangeschroefd
halsje wel makkelijk), aangesloten op een buizenversterker en gewoon
van blank gelakt hout. Beetje folkloristisch (zouden ze daar ook al
in discrimineren) en dat klonk!!! Versterkers hebben me nooit een moer
geïnteresseerd althans, niet zo in die mate, omdat ze in iedere
andere gelegenheid weer zo rigoreus totaal anders klinken en dat heb
je met het instrument zelf, dus een akoestisch instrument minder, vind
ik, omdat de karakteristiek en dynamiek van het instrument nou eenmaal
‘vastgelagd’ is in de bouw van het instrument en zijn effect
op zijn omgeving en niet afhankelijk van een speakertje van 2 meier
wat te pas en onpas begint te kraaien van genot als er een electronische
kietelaar aan vastgebonden wordt. Ik mocht dat eens meemaken bij een
grote godheid op gitaar, wat in de coulissen ongeveer zo klonk als een
zooitje piepende en gillende ratten die levend geroosterd werden met
op de achtergrond hier en daar een loei van een stervende koe. Daar
overheen een soort scheepstoeter die, als ik op het water had gezeten,
alle bruggen automatisch open én weer dicht had kunnen toeteren. Nou, daar waren ze toen als de kippen
bij, daar zijn hele fabrieken op gebouwd zoals ‘di Marzio’
met humbuckers à la ‘di Marzio’ of weet ik veel wat
voor gelul, die allemaal wisten te vertellen dat hun elementen beter
(niet zo als de rest, lees J.A. etc.) klonken dan de standaard pick-ups
van een gitaar (lees, Les Paul.) We hebben er zelfs conservatoria voor
de lichte muziek aan overgehouden Ik keek hem aan, en zei tegen hem
dat ik niet dat jongetje was, wat met zijn vingertjes tussen de deur
stond te zingen. Doei.
|
|||